Wat is de juiste vorm voor mijn toets?

Wat is de juiste vorm voor mijn toets?

Geschreven door: Niels Rop | op datum: 7 september 2016

In onze vorige blogpost gingen wij naar aanleiding van een klantvraag in op de verschillende redenen om toetsvragen te gebruiken in een e-learningcursus. In deze post duiken wij verder in de materie rond toetsen in een e-learningcursus en gaan wij in op verschillende toets- en vraagvormen.

Formatief of summatief toetsen

Het belangrijkste onderscheid in toetsvormen kan gemaakt worden tussen formatief en summatief toetsen. Een formatieve beoordeling gebeurt voor of tijdens het leren en is gericht op evaluatie van de voortgang en het geven van sturing aan het leerproces. Dit kan bijvoorbeeld een test zijn om de voorkennis van de cursisten te bepalen, maar ook een tussenevaluatie waar wordt gekeken wat het huidige niveau en de voortgang van de cursist is.


In welke vorm moet ik mijn toets gieten?


Een summatieve beoordeling vindt plaats aan het einde van het leerproces. Deze beoordeling is niet bedoeld om de cursist te helpen met het leren, maar om een beoordeling te verbinden aan de cursus. Een tentamen op de universiteit is hier een voorbeeld van, maar ook een meerkeuzetoets aan het eind van een e-learning module valt onder summatief beoordelen, mits deze gescoord en gemeten wordt.

Summatieve of formatieve functie

Een toets is niet per definitie formatief of summatief. Belangrijk is wat de functie van de resultaten is. Als het resultaat op een toets meetelt bij de eindbeoordeling van een cursus vervult deze een summatieve functie. Tegelijkertijd kan dezelfde toets nog steeds een formatieve functie vervullen. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer er feedback gegeven wordt aan de cursist, die toegepast kan worden in het vervolg van de cursus.


“Volgens mij is de toets vooral voor de juf, zodat ze weet wat ze de volgende keer beter uit moet leggen”

Jongen (10)


Een ander voorbeeld is als de resultaten gebruikt worden om de effectiviteit van de cursus te evalueren. Wanneer bijvoorbeeld uit de resultaten blijkt dat het merendeel van de cursisten een onderdeel van de leerstof niet heeft begrepen, kan de cursus hierop aangepast worden.

Vraagvormen

Bij de ontwikkeling van toetsen kan gebruik gemaakt worden van verschillende vraagvormen. De keuze van de vraagvorm hangt sterk af van het leerdoel en het type kennis dat getoetst wordt. Vraagvormen kunnen worden opgedeeld in twee categorieën: open en gesloten vragen.

Gesloten vragen

Gesloten vragen zijn vragen waarbij een beperkt aantal mogelijke antwoorden wordt gegeven. De cursist moet hier de juiste antwoord(en) uit selecteren. Er zijn verschillende vormen van gesloten vragen:

blog toetsen 2-2

 • Meerkeuzevraag: Bij een meerkeuzevraag horen ten minste drie antwoordopties. Eén van de opties is juist, de anderen zijn slechts afleiders. Het is wel de bedoeling dat de afleiders geloofwaardig zijn, anders zouden ook cursisten die de stof niet goed geleerd hebben het juiste antwoord kunnen kiezen door logisch na te denken. Als variant op een meerkeuzevraag kunnen er ook meerdere juiste antwoorden tussen de opties gezet worden. Er moet dan wel duidelijk aangegeven worden dat dit het geval is.

• Waar/onwaar vraag: de cursist krijgt een stelling en moet bepalen of deze stelling waar of onwaar is.

• Stellingvraag: deze vraag bevat twee stellingen en de cursist moet bepalen of ze beide waar zijn, beide onwaar of dat één van hen waar is.

Voordelen van gesloten vragen

Doordat bij een gesloten vraag een beperkte aantal antwoorden mogelijk is, is het simpeler om een toets te corrigeren en beoordelen, in veel gevallen kan dit ook geautomatiseerd worden. Daarnaast is een beoordeling op basis van gesloten vragen objectief. Het is van tevoren duidelijk welk antwoord correct of incorrect is, en er zullen geen verschillen op basis van interpretatie ontstaan tussen beoordelaars of studenten. Het laatste voordeel is dat door de vaak simpele vraagstelling en beperkte antwoordopties er veel vragen gesteld kunnen worden in korte tijd, en dus veel kennis getest kan worden in korte tijd.

Nadelen van gesloten vragen

Helaas kleven er ook beperkingen aan het gebruik van gesloten vragen. Een van deze beperkingen is dat niet alle leerdoelen met gesloten vragen effectief getoetst kunnen worden. Daarnaast vergroot het kleine aantal antwoordalternatieven de mogelijk dat het goede antwoord door gokken gekozen kan worden. Dit kan de uitkomst van de toets vertekenen als hier in de normering geen rekening mee wordt gehouden. Als laatste is het een moeilijk en tijdrovend proces om goede gesloten vragen te ontwikkelen.

Open vragen

Naast gesloten vragen bestaan er ook open vragen. Een open vraag is een vraagtype waarbij een cursist het antwoord zelf moet formuleren; ten behoeve van de beoordeling moet er een correctiemodel of een beoordelingsschema zijn. Voorbeelden van open vragen zijn:

• In- en aanvulvragen: Bij dit soort vragen wordt van cursisten verwacht dat zij een onvolledige zin, berekening of tekening completeren.

• Korte-antwoordvragen: Op korte open-antwoordvragen antwoorden cursisten met een citaat, met enkele woorden, een enkelvoudige zin, een getal, een (eenvoudige) tekening of formule.

• Lange-antwoordvragen: Studenten dienen hierbij te antwoorden met samenhangende zinnen. Ook een toelichting, een gecompliceerde berekening, tekening of een bewijs bestaande uit verschillende stappen, zijn voorbeelden van antwoordmogelijkheden.

• Opstelvragen/betoogvragen: Typische antwoorden op opstelvragen/betoogvragen zijn: een samenhangende tekst, gestructureerd bijvoorbeeld naar inleiding, midden en slot, of een zeer gedetailleerde tekening of berekening die beide als een afgerond geheel worden beschouwd.

Voordelen van open vragen

Open vragen bieden de cursist onbeperkte vrijheid om te antwoorden wat zij willen, waardoor creativiteit en kritisch denkvermogen veel sterker getest kunnen worden. Hierdoor kunnen leerdoelen waarbij creativiteit een rol speelt of wanneer de kennis van de verschillende cursisten heel divers is beter getest worden dan met gesloten vragen. Daarnaast is aan de hand van de antwoorden te zien of de vraag al dan niet duidelijk gesteld was; als er problemen van dien aard blijken te zijn, dan kan de vraag voor gebruik in een volgende toets worden bijgesteld.

Nadelen van open vragen

De vrijheid die open vragen bieden aan de cursisten vormt het grootste nadeel voor de vraagontwikkelaars. Enerzijds is het lastig open vragen zo te formuleren dat het voor cursisten duidelijk is wat voor antwoord van hen wordt verlangd. Anderzijds is het lastig en tijdrovend om een nauwkeurig correctiemodel te ontwikkelen. Mede hierdoor kan de beoordeling van de antwoorden van docent tot docent verschillen, waardoor ongewenst verschillen in beoordeling en willekeur kunnen ontstaan.

Conclusie

Open en gesloten vragen hebben elk hun voor- en nadelen. In e-learning wordt veelvuldig gebruikt gemaakt van gesloten vragen, voornamelijk omdat deze simpel en effectief door een computer te controleren zijn. Dit biedt echter niet altijd het beste leereffect of afspiegeling van de kennis van de cursist.

Hiervoor biedt het gebruik van open vraagvormen een uitkomst, echter vragen deze om een tijdrovende, persoonlijke beoordeling van een deskundige aangezien dit proces niet gemakkelijk geautomatiseerd kan worden. Tijd van een deskundige die vaak niet beschikbaar is! Een oplossing hiervoor is de toepassing van peer-review, iets dat in veel MOOCs al toegepast wordt. Peer-review vereist een specifiek review systeem en instelling bij de ontwikkeling van de cursus, maar biedt de mogelijk tot het gebruik van open vragen en essayopdrachten én biedt de cursisten de kans te leren van elkaars werken. Zeker iets wat het overwegen waard is bij de ontwikkeling van de volgende cursus!

Meer weten?

Neem dan contact op


Milan Vogelaar


milan@starklearning.nl +31 (0)85 303 2606

Contact

Nieuws


Toetsvragen ontwikkelen in vier stappen

Door: Niels Rop op 19-10-2016

Wat is de juiste vorm voor mijn toets?

Door: Niels Rop op 7-09-2016

Overzicht